Wat vooraf gebeurde: Cor denkt dat hij naar Griekenland op vakantie gaat en Sjaan denkt dat Spanje de bestemming is, maar niet zo ver weg …
“Naar Afrika?”, brengt Cor verschrikt uit. “Zo ver weg?”, vraagt Sjaan, en ze kijkt Hanneke met een even verschrikte blik aan. “Het is maar vijf uurtjes vliegen, hoor.”, zegt Hanneke opgewekt. Cor kijkt eerst Hanneke aan, dan Sjaan en kijkt daarna heel demonstratief de andere kant op. Sjaan weet precies wat dat betekent: dit gaat hem niet worden. Vijf uur in een vliegtuig is voor Cor echt een brug te ver, een mission impossible, een groot onoverkomelijk probleem.
Sjaan ziet het verbaasde gezicht van Hanneke en brengt haar beide handen omhoog, waarmee ze wil zeggen: ik weet het ook niet meer.
“Wat is het probleem, pap?”, vraagt Hanneke als ze ziet dat er zo van een vakantie boeken niets terecht gaat komen. Ter verduidelijking zegt ze, nog voordat haar vader kan antwoorden dat ze echt niet naar Afrika gaan, maar naar een eiland dat bij Spanje hoort en waar het heerlijk toeven is.
“Je vader houdt niet van vliegen.”, antwoordt Sjaan voor Cor zelf kan antwoorden. “Toch, Cor?” “Maar pap, je hebt toch wel vaker gevlogen?”, vraagt Hanneke nog, maar Cor loopt de kamer uit zonder een woord te zeggen. Hanneke kijkt haar moeder verbaasd aan en Sjaan maakt een handgebaar, wat wil zeggen, laat hem maar even.
“Nog een kop koffie, lieverd?”
“Uh… ja, doe maar, mam…” Hanneke is perplex. Zo valt haar hele plannetje in duigen. Moet ze haar moeder nu op de hoogte brengen en haar vertellen wat ze voor hen in petto had zodat zij haar vader over de streep kan trekken? “Wat nu, mam?”, vraagt Hanneke terwijl ze haar laptop dichtklapt. Ze zit er een beetje beteuterd bij.
“Laat papa maar even. Hij moet dit even verwerken. Het komt wel in orde, hoor.”, zegt Sjaan en ze pakt Hannekes hand vast en knijpt er zachtjes in.
Als Cor na een half uurtje weer naar beneden komt, is zijn gezicht opgeklaard. Zijn sigaar uit het raam heeft hem kennelijk goed gedaan, ruiken Hanneke en Sjaan. En om hem ter wille te zijn, zitten Hanneke en Sjaan aan een glaasje sangria en staat er voor Cor ook al een klaar.
“Salud, pap! Salud, Cor!”, roepen Hanneke en Sjaan tegelijk. Tegen zoveel goedkeuring voor alcohol in huis kan hij niet op en hij proost vrolijk mee. “Vijf uur? Meende je dat nou?”, vraagt Cor na zijn derde glaasje. “Ja, het is om voor je het weet, hoor.”, stelt Hanneke. Even later mag ze de reis als geboekt beschouwen. Op dit heuglijke feit wordt niet meer geproost, want de fles is leeg en Hanneke moet er weer vandoor. Gelukkig, haar plannetje kan doorgang vinden.